Pad tot huidige pagina

Gastblog van het Amsterdamse Bos

Gastblog van het Amsterdamse Bos

In dit gastblog delen medewerkers van het Amsterdamse Bos interessante kennis en ervaringen. Van bijzondere bomen tot onze Schotse Hooglanders, van festivals tot educatie. Lees mee!

Natuurpanorama in het Amsterdamse Bos

Reacties

Je kunt op een blog reageren via de knop, 'reageer' onder het bericht. Reacties worden een paar keer per week verwerkt. Dit betekent dat het even kan duren voor jouw reactie zichtbaar is.

De witte lentemaanden
10 april 2018 om 11:44
Gastblog Amsterdamse Bos
Kanzan-sierkers met boskriekbloesem uit onderstam, foto: Wouter van der Wulp.

Bij de kleur van het Amsterdamse Bos denk je misschien aan groen, maar ik zie deze maanden vooral een wit bos. De uitgestrekte sneeuwklokjesvelden onder de bomen worden opgevolgd door nog uitbundiger bloei van de daslook. De meidoorn pakt over enkele weken het stokje over van de bloeiende sleedoorns. En dan hebben we het nog niet gehad over de krentenboompjes, de bosanemoontjes, het fluitenkruid en de vogelkers. Allemaal bloeien ze wit. En zelfs de blauwe reigers lijken vervangen te worden door witte. Onze beroemde vierhonderd yoshino-kersen  (染井吉野) passen met hun witte bloesem dan ook heel goed bij het Bos. Maar kom vooral over twee, drie weken eens kijken naar onze andere kersen: de boskriek en de Kanzan-kerselaar

De boskriek
Naast de al genoemde uitbundig witbloeiende vogelkersen, staat er een groot aantal boskrieken in het bos, de wilde zoete kers. De boskriek - je raadt het al - heeft witte bloesem. De sierkersen in het Bos bloeien mooi, maar zonder dat dat vruchten oplevert. Aan de boskriek hangen in juni rode kersen.  Een feest voor de vogels.

De Kanzan-kerselaar
Vorig jaar ontdekte ik iets leuks bij de oude Japanse sierkers schuin tegenover het Klein Kinderbad (aan de andere kant van de weg met krentenboompjes). Deze dubbelbloemige Kanzan-kerselaar is de enig overgeblevene van een rijtje dat ooit een spectaculaire roze muur vormde. Het is een bijzondere kerselaar. Loop er eens heen zodra 'ie bloeit. Hij is geënt op een boskriek. Dat kun je zien omdat in een zee van roze uit de onderstam een boskriektak groeit met enkelvoudige witte bloemen. Die niet-bedoelde dingen in het Bos, die zijn voor mij de kers op de taart.

Interview met collega Debby Tijdeman
15 maart 2018 om 14:43
Gastblog Amsterdamse Bos
Foto van Debby Tijdeman, gefotografeerd door Linda Briganti.

Wat is je functie in het Bos?

Ik ben voorman, en werk grotendeels buiten. Ik maak deel uit van de afdeling Beheer en Onderhoud. De afdeling Beheer en Onderhoud zorgt in het Bos o.a . voor de jaarlijkse dunningen. En voor het maaien van lang gras, dat wordt verwerkt in hooibalen. De hooibalen gaan voor een deel naar een boerderij met biologische koeien en dienen als voer voor de Schotse Hooglanders in het Bos. De essentaksterfte staat ook op de agenda van de afdeling Onderhoud en Beheer.

Waar was je op 18 januari, de dag van de storm?

Ik was op vakantie in Oostenrijk. Ook daar was sprake van storm, de skiliften waren dicht.

En toen je van vakantie terugkwam, hoe trof je het Bos aan?

In het Amsterdamse Bos zijn ongeveer 100 bomen gesneuveld; bomen die op en aan paden stonden. De bomen die op de paden lagen, hebben we in stukken gezaagd en die stukken gaan naar een houtopkoper. Sommige stukken stam versnipperen we, en die houtsnippers gebruiken we weer in het Bos. En sommige stukken stam worden verwerkt in snijplanken, muziekdoosjes en houten krukjes, te zien en te koop in De Boswinkel.

Hoe gaat het met de Schotse Hooglanders?

Met de Schotse Hooglanders in het Bos gaat het goed. Er zijn een paar koeien drachtig.  Vorig jaar was in februari het eerste kalfje geboren. De Hooglanders krijgen momenteel, in de winter, bijvoeding, elke week. Er is nu nog weinig in de natuur voor ze te vinden aan voedsel. Het bijvoederen heeft als bijkomend voordeel dat de Hooglanders wat tammer zijn. Dit is handig als de koeien gevangen moeten worden, bijv. als ze gaan verhuizen en bij de halfjaarlijkse gezondheids-check.

Wat betekent voorjaar voor jou?

Voorjaar betekent voor mij frisgroene bomen.

Hoogtepunten in het Bos
9 maart 2018 om 09:18
Gastblog Amsterdamse Bos
NAP peilbout 25D319 (foto: Wouter van der Wulp).

Een van de bijzonderheden van het Amsterdamse Bos is dat het is aangelegd onder zeeniveau. Het grootste deel zelf een flink stuk onder zeeniveau. Het water in de zee heeft echter steeds een andere hoogte. We meten daarom ten opzichte van het NAP, het Normaal Amsterdams Peil. Een betrouwbaar vast peil is belangrijk om de dijken overal op de juiste hoogte te kunnen houden, maar eigenlijk bij alle aanleg van wegen, tunnels, huizen, enz. Het NAP was enkele weken geleden in het nieuws. Gevierd werd dat 200 jaar geleden ons (Normaal) Amsterdams Peil het ijkpunt voor heel Nederland werd. Je leest hier meer over in het Erfgoed van de Week.

Dat feestje maakte mij nieuwsgierig naar wat we daar in het Bos van terug kunnen vinden. Als je de blauwe peilschalen in water bekijkt, ontdek je dat er in het Bos wel tien aparte waterpeilen zijn. Het mooiste zie je het peilverschil onder aan de Bosbaansluis, maar het grootste vind je bij het gemaal aan de Ringvaart. Daar wordt het water opgepompt van 5,5 meter onder NAP in de Bospolder, naar 60 centimeter onder NAP in de Ringvaart.

Oude peilsteen

Om goed te kunnen meten zijn er door het hele land peilmerken geplaatst. Steeds opgemeten ten opzichte van de al bestaande merken. In de Koenensluis vinden we nog een oude peilsteen, met daarop Amsterdams Peil aangegeven. Die sluis is in 1905 nieuw gebouwd omdat de oude Koenensluis te klein en/of te slecht was voor de vervening die ging plaatsvinden. In 1905 was het AP al vervangen door het NAP. Dan ga je een beetje dromen. Zou deze steen soms hergebruikt zijn uit de oude 17e eeuwse Koenensluis?

Peilbout

Deze peilsteen is natuurlijk cultuurhistorisch interessant, maar niet erg betrouwbaar (meer). Rijkswaterstaat (RWS) beheert in heel Nederland zo’n 35.000 NAP-peilbouten, die ze ook periodiek nameten. Daarvan krijg je de gegarandeerde hoogte in millimeters nauwkeurig. Peilbout 25D319 die ik na enig zoeken op een viaduct in het Bos vond, heeft bijvoorbeeld een gegarandeerde hoogte van 611 ...

Een bos vol hangende slurfjes
8 februari 2018 om 09:32
Gastblog Amsterdamse Bos
Fontein vol hazelaarkatjes, foto: Wouter van der Wulp

Heerlijk vind ik het dat de dagen weer langer worden. Het Bos lijkt ook wel in juichstemming. Oorverdovend vol staat het met sneeuwklokjes op sommige plekken. Wat een concert zou dat zijn als ze echt klingelden. Bij de reigerkolonie wordt intussen zo luidruchtig genesteld, dat het lijkt alsof er een grote groep bavianen in de dennenbomen zit. De narcissen sprinten de grond uit rond het Vogeleiland en de knoppen van de bomen voel je gewoonweg zwellen waar je bij staat. Kortom, de tijd van de slurfjes is weer helemaal aangebroken. De hazelaars hangen er al weken mee vol, en de elzen, de abelen, de berken en de wilgen staan te trappelen om mee te gaan doen. Slecht nieuws voor hooikoortspatiënten, maar schitterend om te zien.

Op het Vogeleiland hebben we langs het water een rijtje oude hazelaars. Geen struiken maar echt boompjes met wonderbaarlijk fraai gevormde stammen. Voor mij de mooiste bomen van het Bos. Ga ze bekijken nu het nog kan, want hun leeftijd eist zijn tol. Eentje is vorig jaar de genadeslag toegebracht door zwavelzwammen. En twee andere zijn met de decemberstorm omvergeblazen. Ga sowieso de bloemen van de hazelaars eens van dichtbij bekijken. Die lange die hangen, dat zijn de mannetjes. Met zijn allen lekker lummelen. En vlak daarboven zitten dan de vrouwtjes als piepkleine rode zeeanemoontjes op het droge.

Het is nog even wachten, maar over een half jaartje doen onze eekhoorns zich weer te goed aan verse hazelnoten. Tot dan is het oude noten opgraven. Er worden er altijd wel een paar vergeten. Als die op een gunstige plek begraven waren door de eekhoorns, groeien daar weer nieuwe hazelaars uit.

Een bijzonder cadeau...
3 januari 2018 om 14:33
Gastblog Amsterdamse Bos
De boommarter in het Amsterdamse Bos, vastgelegd met de wildcamera.

Wellicht heb je wel eens over hem gehoord. Misschien heb je ‘m zelfs wel eens gezien. Ik heb het over de boommarter. Een, zoals de naam al verklapt, marterachtige die leeft in bosgebied. In Nederland een vrij zeldzame soort die je niet zo snel tegen het lijf loopt.

Ikzelf had nog nooit eerder van het beestje gehoord, laat staan ooit een gezien. Totdat ik afgelopen zomer een bericht tegenkwam op de Facebookpagina van het Amsterdamse Bos. Afgelopen juli was voor het eerst een boommarter met een wildcamera in het Bos vastgelegd.

Mijn interesse was gelijk gewekt. Ik heb gesolliciteerd naar een stageplek en een week later was ik al aangenomen. Ik mocht onderzoek doen naar de boommarter.

Wildcamera

Mijn stagebegeleider Abe zei in de eerste week al dat de kans om een boommarter op beeld te krijgen erg klein is. Ik moest m’n verwachtingen dus wat bijstellen, maar ik bleef hoop houden. In een natuurperceel in het Bos hingen we de camera op en strooiden wat kruimels van een oud koekje over de bodem. Dat zou waarschijnlijk alleen wat muizen opleveren, maar je weet maar nooit.

Dode buizerd

Twee dagen later ging ik terug om een (gevonden) dode buizerd als lokaas bij de camera neer te leggen. Toen ik aankwam lag er tot mijn verbazing een kapot ei voor de camera. Dat betekende dat er mogelijk een marter was langsgekomen! Ik pakte gelijk m’n laptop erbij en bekeek met spanning de beelden van de camera… Ja hoor, daar was ‘ie! Een aantal vogels is waarschijnlijk van schrik weggevlogen, want ik heb toch wel even staan juichen. De boswachters waren verbaasd over het snelle resultaat. Abe’s reactie: ‘Dat is een cadeautje!’

Vervolgonderzoek

In de weken daarna kreeg ik echter vaker cadeautjes, want de boommarter heeft zich inmiddels al vier keer laten fotograferen! Als dat geen toffe onderzoeksresultaten zijn?! Nu loopt m’n stage helaas al ten einde. Maar in het voorjaar kom ik terug voor m’n eindopdracht en vervolg ik mijn onderzoek naar de boommarter.

Een kerstboom vol bessen
19 december 2017 om 12:22
Gastblog Amsterdamse Bos
Kerstboom vol bessen, foto: Wouter van der Wulp.

De takken van een dennenboom zijn wonderschoon, zeker de dikke oude zijtakken hoog in de boom. Kijk in het bos eens omhoog en zie hoe prachtig kronkelig ze kunnen zijn. Heel anders dan bij de kerstbomen die veel mensen nu thuis hebben staan. Die zijn niet alleen te jong, maar ook helemaal geen dennenbomen. Dat zijn sparren. En sparren hebben vooral zulke mooie naalden aan hun takken. Zilversparren zijn helemaal favoriet als kerstboom, want daaraan blijven de naalden zo goed zitten.

Mijn favoriete kerstboom is echter geen naaldboom, maar onze enige inlandse loofboom die ’s winters groen blijft. De hulst. En nee, die halen we niet in huis. Die laten we in het bos staan.

Behalve als heg, kom je de hulst meestal tegen als struik onder andere bomen. Nu in de winter kan je ze in het bos makkelijk ontdekken. Zolang ze weinig licht en (wortel-)ruimte krijgen, blijven ze klein. Krijgen ze wel de ruimte dan worden het echte bomen van tien meter of meer hoog. In ons Bos staan er daar ook een paar van. Zo’n hulstboom kan wel driehonderd jaar oud worden.

Bij kersthulst denk je aan stekelige blaadjes en rode bessen. Daarvoor moet je bij de jonge vrouwtjes zijn. Oudere hulstbomen hebben juist vaak gaafrandige blaadjes. Als je blad hoog genoeg zit, heb je immers geen stekels nodig om je tegen vraat te beschermen. En dat mannetjes geen vruchten hebben, spreekt ook vanzelf.

Over oudere mannetjes gesproken. De bloeitijd van hulst is van mei tot in juni. Dan zijn met Kerst de bessen mooi rood. Maar in ons bos staat zo’n machohulst die niet kan wachten. Al vanaf november bloeit die. Zijn overbuurvrouw trekt zich daar overigens niets van aan. Die blijft oververstoorbaar met haar bessen pronken. Voor mensen giftige bessen, dat dan weer wel. Een beetje vreemd voor een boom waarvan gezegd wordt dat die ons tegen heksen en demonen zou beschermen.

Het Sinterklaasbos
5 december 2017 om 10:47
Gastblog Amsterdamse Bos
thumb_spanjeklimopbrugwvdw

Sinterklaas is niet alleen een kindervriend maar ook de beschermheilige van Amsterdam. Het zal dan ook niemand verbazen dat Amsterdam al heel lang zijn best doet om Sinterklaas tijdens zijn jaarlijkse bezoeken een zo aangenaam mogelijk verblijf te bezorgen. Daar gaan we ver in. In het Amsterdamse Bos is kort na de oorlog zelfs een speciaal deel ingericht voor de Sint en zijn metgezellen. Een stukje Spanje moest het worden met mediterraans bos. Dat wil zeggen bos zoals het er rond de Middellandse Zee uitziet. En vast niet toevallig, ligt dat stukje bos naast de Klimopbrug. Een eerbetoon voor al dat klimmen op daken dat zo’n oude man nog doet. Die Klimopbrug blijft bovendien de hele winter groen als teken van de ongekende levenskracht van de Sint. En let op, de plantenbakken hebben de vorm van de boeg van de stoomboot.

Deze plantenbakken begonnen de laatste jaren steeds kaler te worden. Dit jaar zijn ze daarom gevuld met verse klimopplanten. Toeval bestaat niet, dit is gedaan door collega Petri Schimmel die hiervoor veelvuldig het (brug-)dek op en neer gehuppeld heeft.

Surprises
Een echt Spaans bos aanleggen bleek nog niet zo makkelijk ondanks dat de toenmalige burgemeester d’Ailly er z’n best voor had gedaan. Hoogstpersoonlijk had hij bijvoorbeeld zaden van de mediterrane zeeden meegenomen van een van zijn vele reizen. Maar als er al zeedennen in dit stukje bos gestaan hebben, dan zijn ze nu verdwenen.

Toch kun je zien dat dit stukje bos een mediterraan karakter moest krijgen. Juist hier staan de echte kastanjebomen, waar de tamme kastanjes aan groeien. Dat zijn bomen die van nature voorkomen in het Middellandse Zeegebied. Ze kunnen honderden jaren oud worden en hun vrucht is een soort sinterklaassurprise. Het cadeautje – de eetbare kastanje - zit verstopt in een stekelige verpakking. Veel beter dan die nepsurprise van de elders in het Bos staande paardenkastanjes. De bolster van de paardenkastanje is niet alleen stekelig, de inhoud is ook nog oneetbaar.

De ...

Zwammen in het Bos
21 november 2017 om 16:00
Gastblog Amsterdamse Bos
De jaarlijkse paddenstoelenexcursie van de zwammologen van Amsterdamse KNNV.

Verleden week waren de zwammologen van Amsterdamse KNNV weer bij ons langs voor hun jaarlijkse paddenstoelenexcursie. Dat doen ze in het Amsterdamse Bos omdat hier altijd veel te zien is vanwege het dode hout dat we expres laten liggen. Nu zeg ik wel 'te zien', maar de paddenstoelenexperts kíjken niet alleen. Ze voelen ook, en ze ruiken. En of dat nog niet genoeg is… Steken ze ook nog stukken paddenstoel in hun mond om ze te proeven. Daarna spugen ze het wel voor de zekerheid weer uit, maar toch maar niet nadoen als je geen paddenstoelenexpert bent.

De experts – mycologen heten ze officieel - zien ook allerlei plakken, korsten, flubbers en héél kleine stippeltjes, waarbij je helemaal niet denkt aan paddenstoelen. Bijzonder zijn de slijmzwammen die zelfs aan de wandel gaan. Maar dat blijken dan weer geen echte zwammen te zijn. Nog wonderlijker dan kruipende zwammen zijn de Nederlandse namen van al die schimmels, zwammen en paddenstoelen. De naam heksenboter voor de bekendste slijmzwam blijkt nog een van de simpelste. Rond het Boskabouterpad bij de Boswinkel groeien onder andere de korstvormige vuurzwam, de houtskoolkogelzwam, de scherpe schelpzwam, het gekarteld leemkelkje en de grijze koraalzwam, om er maar een paar te noemen.

Prijs voor verzinnen namen

Iedere maand worden er zo’n zeven nieuwe paddenstoelensoorten ontdekt voor Nederland en Vlaanderen. Vorig jaar is er een inhaalslag gemaakt in het verzinnen van namen. Voor 500 paddenstoelen en slijmzwammen is een nieuwe Nederlandse naam bedacht. De commissie van zwammologen die dat heeft gedaan, kreeg er zelfs een prijs voor: de Lofprijs der Nederlandse Taal voor een persoon of instantie die zich buitengewoon verdienstelijk heeft gemaakt voor onze taal. De Nederlandse namen zijn door niet-taalkundigen bedacht om de paddenstoelenstudie populair te maken. Extra leuk is het dan dat taalliefhebbers hun werk juist waarderen als verrijking van de Nederlandse taal. Dat bevestigt nog maar eens dat je in het Amsterdamse ...

Naaldbomen in de herfst
25 oktober 2017 om 14:56
Gastblog Amsterdamse Bos
Moerascipres aan het water, foto Wouter van der Wulp

We genieten deze weken weer volop van mooie herfstkleuren in het Bos. Steeds weer nieuwe bomen trakteren ons op spetterende kleuren totdat de bladerloze takkentijd ingaat. Ook een mooie tijd overigens.

Zonder al die blaadjes vallen andere dingen weer veel beter op. In het Schinkelbos zie je daardoor nu al dat sommige struiken echt bommetjevol rozenbottels zitten.

En in het oudere Bos gaan de naaldbomen weer extra opvallen. De sparren, dennen en taxussen blijven immers groen in de winter.  Maar niet alle naaldbomen van het Bos blijven groen. De watercipres en de moerascipres vallen juist in de herfst extra op omdat ze dan bruin worden. Vooral aan de waterkant kan dat een indrukwekkend gezicht zijn.

Wacht niet te lang om dat te bekijken, want voor je er erg in hebt zijn ze net zo kaal als de meeste loofbomen. Ja, als de meeste. Dat lees je goed. Want er is een geliefde inheemse loofboom, die juist de hele winter zijn bladeren houdt. Eentje die bijna iedereen wel kent. Maar daarover een volgende keer.

Trek eerst de wandelschoenen aan en doe mee aan de herfst-fotowedstrijd: www.amsterdamsebos.nl/nieuws-0/2017/fotowedstrijd. Ik mag niet meedingen, maar je maakt kans op roem en smakelijke prijzen.

Zwarte walnoot
5 oktober 2017 om 08:36
Gastblog Amsterdamse Bos
Zwarte walnoot, foto Wouter van der Wulp

In hun gele herfsttooi zijn de zwarte walnoten rond het Bloesempark nu op hun mooist. En extra leuk: aan deze jonge bomen zitten dit jaar zelfs al enkele noten.

De Amerikaanse zwarte walnoot is een neefje van de Europese okkernoot waar onze gewone walnoten aan komen. Zwarte walnoten zien er heel anders uit dan de walnoten uit de winkel. Ze zijn ook veel harder, maar je kunt ze prima eten. Tenminste, als je ze weet te kraken.

Er staan overigens ook gewone walnotenbomen rond het Bloesempark. Prachtige bomen, die naarmate ze ouder worden nog mooier worden. Helaas zien ze er nu tijdelijk meer uit als slecht geplukte kippen. En zitten er (nog) geen noten aan. Maar voor de toekomst belooft het wat.

Mini-appeltjes rond het Bloesempark
25 september 2017 om 09:10
Gastblog Amsterdamse Bos
thumb_appelaarsbloesempark_wvdw

Je kent het Bloesempark in het Amsterdamse Bos van de kersenbloesembomen die elk voorjaar schitterend in bloei staan. Maar er staan ook andere interessante bomen en struiken. Zoals fladderiepen, okkernoten en zwarte noten.

Deze maand zijn de appelbomen voor de 2e keer extra mooi, of misschien moeten we appelstruiken zeggen. De eerste keer was toen ze bloeiden, nu hangen ze helemaal vol met mini-appeltjes van nog geen centimeter grootte. Vergelijk dat maar eens met de appels die je in de winkel koopt.

Rond het Bloesempark staan nog twee struiken met kleine rode vruchten, de meidoorn en de Gelderse roos. De bessen van de Gelderse roos zijn helderrood en kun je tot in de winter vinden. Ze smaken namelijk zo bitter dat vogels ze laten hangen totdat het gevroren heeft. Vorst maakt ze zoeter en pas dan worden ze opgegeten. Vooral door lijsters en pestvogels. De vruchten van de meidoorn zijn donkerrood en vind je langs veel meer paden in het Bos.

Vond je dit interessant? Binnenkort volgen meer van dit soort 'gastblogs' op onze website, geschreven door verschillende van onze medewerkers.