Pad tot huidige pagina

Reuzenberenklauw in het Amsterdamse Bos

Berenklauw, foto: Edwin van Eis

Ook in het Amsterdamse Bos komt reuzenberenklauw voor. Contact met deze plant kan in combinatie met zonlicht vervelende lichamelijke reacties teweegbrengen.

Belangrijk: vermijd contact

Aanraking met reuzenberenklauw kan bij mensen en ook honden, in combinatie met zonlicht, leiden tot een rode huid en jeuk, gevolgd door zwelling en blaren. Het letsel kan eruitzien als een brandwond. In sommige gevallen is zelfs ziekenhuisopname nodig.

Het effect is niet direct merkbaar, waardoor je de plant in eerste instantie kunt blijven aanraken. Wanneer het sap in de ogen komt, kan dit tot tijdelijke of zelfs blijvende blindheid leiden.

Het beste is dus elk contact met de plant te vermijden. Als je toch in aanraking komt met het sap, spoel het dan zo snel mogelijk af, vermijd blootstelling aan zonlicht van de besmette huiddelen en raadpleeg een arts.

Amsterdamse Bos

In het Amsterdamse Bos wordt de reuzenberenklauw op drukbezochte plaatsen bestreden door deze voor de bloei af te maaien. Maar waar het kan, laten we de plant staan. De plant vervult net als de gewone berenklauw namelijk een waardevolle functie in het ecosysteem en is bijvoorbeeld erg aantrekkelijk voor diverse soorten zweefvliegen. Dit zorgt voor een grote biodiversiteit en draagt daarmee bij aan een gezond Bos.

Reuzenberenklauw vs. gewone berenklauw

De reuzenberenklauw komt oorspronkelijk uit Aziƫ en is hier inmiddels helemaal ingeburgerd. De plant wordt wel eens verward met gewone berenklauw. Reuzenberenklauw kan wel 5 meter hoog worden en heeft tussen juli en september paraplugrote, witte bloemschermen met een diameter tot 50 cm. De enorme klauwachtige bladeren zijn behaard en de stengel is roodgevlekt. Gewone berenklauw heeft geen rode vlekken op de stengel en wordt hooguit 2 meter hoog.

Voor de reuzenberenklauw bestaat een bestrijdingsverplichting, hier is bij de gewone berenklauw geen sprake van.