Pad tot huidige pagina

Gastblog van het Amsterdamse Bos

Gastblog van het Amsterdamse Bos

In dit gastblog delen medewerkers van het Amsterdamse Bos interessante kennis en ervaringen. Van bijzondere bomen tot onze Schotse Hooglanders, van festivals tot educatie. Lees mee!

Natuurpanorama in het Amsterdamse Bos

NB Bij elke weblog kan helaas maar één foto geplaatst worden. Kijk op onze facebookpagina voor méér foto's.

Reacties

Je kunt op een blog reageren via de knop, 'reageer' onder het bericht. Reacties worden een paar keer per week verwerkt. Dit betekent dat het even kan duren voor jouw reactie zichtbaar is.

Op zoek naar valse Christusdoorns
23 oktober 2018 om 10:01
Gastblog Amsterdamse Bos
Valse Christusdoorns in gebied hoofdentree Amsterdamse Bos.

In de herfst verkleuren niet alle bomen even snel. Waar je eerst allemaal tinten groen zag, vallen sommige soorten opeens op. De valse Christusdoorn bijvoorbeeld kleurde de afgelopen weken prachtig geel.

Deze uit Noord-Amerika afkomstige boomsoort kan heel grote doorns op zijn stam hebben. Maar die gemene doornen zijn niet de reden dat we ‘m valse Christusdoorn noemen. Hij heet in het Nederlands vals in de zin van onecht, omdat er ook een “echte” Christusdoorn bestaat. Een struikachtige boom uit Zuid-Europa en Klein-Azië, waarvan de doornenkroon van Christus destijds gemaakt zou zijn.

In Nederland vindt je de valse Christusdoorn meestal als laanboom aangeplant. Zoals ook op de hoofdentree van het Bos. Vaak wordt dan een doornloze kweekvariant aangeplant. Eigenlijk dus een valse valse Christusdoorn. Bij de ingang van het beheerkantoor van het Amsterdamse Bos kun je een jonge valse Christusdoorn zien met doorns op de stam (grote parkeerplaats Geitenboerderij).

Het leuke is dat in het Amsterdamse Bos stukken bos zijn waar juist bomen uit andere gematigde streken in de wereld zijn aangeplant. Dus niet als alleenstaande boom, maar in bosverband. Eerst was daar zelfs een heel gedetailleerde verdeling van het bos voor bedacht, maar uiteindelijk is dat wat losser uitgevoerd. Toch zie je het zodra je het doorhebt. In het 'Columbia-district', ten noordwesten van de camping, staat bijvoorbeeld een aantal oudere valse Christusdoorns. Opgegroeid in bosverband, en daarom met een lange takloze stam en de bladeren in top.

De valse Christusdoorn is een pionierssoort die snel groeit, en het daarom lukt om toch genoeg licht te blijven krijgen. Wel vangen hoge bomen veel wind. En dan waaien de blaadjes er eerder af. Kijk daar maar eens omhoog. Omdat ze eerder 'herfsten' dan de omringende bomen, zie je gaten in het bladerdak. Hoog in de boom hangen dan soms nog lange peulen. In de peulen zitten zoete zaden die wel door muizen en eekhoorns worden gegeten. Kijk ook even bij je ...

Nieuwe bomen op het Vogeleiland
24 september 2018 om 10:04
Gastblog Amsterdamse Bos
Kardinaalsmuts op Vogeleiland, foto: Wouter van der Wulp.

In het Bos zijn veel mooie plekken met elk hun eigen sfeer. Eentje vind ik extra bijzonder en dat is het Vogeleiland. Ooit begonnen als afgesloten vogelbroedgebied voor kluten en andere steltlopers, is het nu een toegankelijke natuurtuin met verschillende minilandschapjes vlak bij elkaar. Het hele jaar door een bezoek waard dankzij de inzet van de vele vrijwilligers bij het beheer. Je komt er helemaal tot rust.  Desondanks ontkomt ook het Vogeleiland niet aan invloeden van buiten.

Afgelopen winter heeft de storm verschillende bomen omvergeblazen. Dit jaar is er daarom een aantal bijzondere bomen bijgeplant. Zoals een kweepeer en een witte moerbeiboom.  Oude fruitrassen met een lange geschiedenis, net als de mispels die er al stonden. En handig, op het Vogeleiland staan naambordjes bij veel planten en bomen.

Voor wie nieuwsgierig is geworden: momenteel staan de kardinaalsmutsen uitbundig te spetteren, binnenkort kun je hier de fantastische herfstkleuren van de tulpenboom zien. En voor het junglegevoel zijn het hele jaar door de polsdikke lianen van de bosrank te bewonderen. In het Engels noemen ze bosrank ook wel 'old man’s beard'. Dankzij de pluizige vruchten van de bosrank kunnen bomen in de winter namelijk een heerlijk warrige oudemannenbaard hebben.

Bijzondere beuken in het Amsterdamse Bos
15 augustus 2018 om 13:20
Gastblog Amsterdamse Bos
Treurbeuk Sportpark, foto: Wouter van der Wulp.

Ik heb ze niet geteld, maar één op de zes bomen in het Amsterdamse Bos zou best wel eens een beuk kunnen zijn. De meeste daarvan staan gewoon in een bosvak en vallen niet speciaal op. Wie gaat zoeken, ziet de gladde stammen daar als zuilen tussen de andere bomen staan. Dat levert bij dunningen prima hout op, dat in het Bos weer gebruikt kan worden. Bijvoorbeeld voor vernieuwing van beschoeiingen.

Statige bomen
Sommige beuken in het Bos vallen juist wel op. De karaktervolle beuken langs de laan ten westen van het Bloesempark, geven daar het Bos de statigheid van een oud landgoed. En onze rode beuken hebben zelfs hun eigen fotothema bij de Vrienden van het Amsterdamse Bos. De opvallendste rode staan rond de Grote Speelweide. Rode beuken werden ook wel notarisbomen genoemd. Ze waren lange tijd zeldzaam en werden in particuliere tuinen als statussymbool geplant.

De aanleg van het Amsterdamse Bos markeerde in Amsterdam de omslag van wandelparken voor de elite, naar recreatiegroen voor iedereen. Het was vast niet alleen uit schoonheidsoverwegingen dat de ontwerpers zulke statusbomen in het gewone-mensen-bos lieten aanplanten. Net als het hele Bos gaf het uitdrukking aan een nieuwe tijd.

Hangende takken
De meest aparte beuk van het Bos kwam ik laatst tegen op het Sportpark. Het is een treurbeuk geplant in 1963. De lange slappe takken buigen naar beneden tot de grond, net als bij de bekendere treurwilg. Een treurbeuk heeft bovendien een kale takkentop. Treurwilgen worden vaak geplant om een bepaalde plek te accentueren. Bijvoorbeeld aan het einde van een zichtlijn. Ook op begraafplaatsen zie je vaak allerlei treurbomen. Naast treurbeuken bijvoorbeeld treuressen en treuriepen. Wat het idee achter de treurbeuk op het Sportpark is geweest, dat zie ik niet direct. Maar het is wel een mooi groot exemplaar. En het is dus niet van de warmte of de droogte dat hij zijn takken laat hangen.

Neppers
Naast echte beuken, staan er in het Bos ook nog 'namaakbeuken'. De haagbeuk en de ...

Geluk bij een ongeluk, honing uit het Bos
31 juli 2018 om 14:56
Gastblog Amsterdamse Bos
Bijen zijn dol op de honingboom. Foto: Wouter van der Wulp.

Essen zijn mooie bomen die goed passen in het Amsterdamse Bos. Tot enkele jaren geleden stond 'ie bekend als een boom met weinig tot geen ziekten en problemen. Het Amsterdamse Bomenboek uit 2007 beschrijft hem zelfs nog als taaie overlever die weinig of geen vijanden heeft. Zo’n 15 % van de bomen in het Bos waren essen. Maar in de natuur kan het snel gaan. Door de essentaksterfte hebben we afgelopen winter al afscheid moeten nemen van honderden essen. Pessimisten vrezen zelfs dat de es helemaal gaat verdwijnen uit Nederland. Want naast de essentaksterfte, komt ook de Aziatische essenprachtkever eraan. In Amerika heeft die kever een ware slachting onder de essen aangericht. En in Europa heeft hij Moskou al bereikt.

Een heilige boom komt te voorschijn

Maar een essenloos Nederland, zo ver is het nog lang niet. Er is nog hoop dat er uiteindelijk essen geselecteerd kunnen worden die wel bestand zijn tegen de essentaksterfte. Ik kies ervoor om optimistisch te zijn. En in de tussentijd heeft gelukkig elk nadeel ook een voordeel. Bij de aanleg van het Amsterdamse Bos zijn zo’n zestig verschillende soorten bomen geplant. Hieronder veel bomen uit Amerika en Zuid-Europa plus een aantal uit Azië. Door de noodzakelijk kap van essen in het Bos, komen opeens bomen te voorschijn die eerst verborgen bleven. Zoals de honingboom, een heilige Aziatische boom. Nu die bloeien vallen ze echt op. Tenminste als je omhoog kijkt. Want doordat ze binnenin een bosvak zijn opgegroeid, zitten er onder aan de stam geen takken meer.

Nectar

De honingboom komt oorspronkelijk uit China en Korea. Hij wordt ook wel pagodeboom genoemd omdat 'ie in Japan veel aangeplant is bij boeddhistische tempels. Vanuit Japan is hij naar Europa gekomen. De naam honingboom is heel toepasselijk, bijen zijn er dol op. Het is een geweldige nectarproducent met een lange bloeiperiode aan het eind van zomer. Van juli tot soms wel in oktober. Dus juist als de nectar elders schaars begint te worden. Zeker ook met de ...

Een boom vol tulpen
5 juni 2018 om 11:32
Gastblog Amsterdamse Bos
Foto: bloem in tulpenboom, Wouter van der Wulp.

In vergelijking met andere werelddelen heeft Noordwest-Europa relatief weinig verschillende soorten inheemse bomen. Tijdens de ijstijden zijn in Europa namelijk veel bomen uitgestorven. De Alpen en Pyreneeën verhinderden dat bomen naar het zuiden konden verhuizen als het te koud voor ze werd. Dezelfde bomen overleefden vaak wel in Amerika. Daar verspreidden ze zich gewoon meerdere malen van noord naar zuid en weer terug. Eén van die bomen had bloemen en bladeren die op tulpen lijken. De berichten in de 17e eeuw over de ontdekking daarvan, stuitten eerst op groot ongeloof. Bijzondere tulpen waren in die tijd immers dure beleggingsobjecten. Sommige tulpen waren zelfs hun gewicht in goud waard. Maar toen halverwege de 17e eeuw deze tulpenboom via Engeland heringevoerd was in Europa, kon niemand er meer omheen. De tulpenboom was geen verzinsel, de tulpenboom bestaat echt. En later ontdekte men dat zo’n zelfde boom miljoenen jaren eerder nog in Europa groeide.

De Jakoba Mulderboom
Zo’n tulpenboom is nu onze Jakoba Mulderboom. Een monumentale tulpenboom van een jaar of zeventig. Volgens overlevering is deze geplant ter ere van de hoofdontwerpster van het Amsterdamse Bos. Het zou haar lievelingsboom zijn. Van een afstandje valt het niet meteen op dat 'ie nu zo vol zit met bloemen. Hij bloeit namelijk pas na het verschijnen van de bladeren en staat ook nog iets verder van het pad af. Maar loop er deze week eens heen, en zie zelf hoe bloemen tegelijkertijd onopvallend en spetterend kunnen zijn. Luister even stil naar het ruisen van de bladeren en voel het geheim daarvan, het bladsteeltje. Net zo plat en draaibaar als van de ratelpopulier. Bekijk meteen de aparte vorm van de bladeren. Zo tekenden wij vroeger een tulp. Hoewel, Karina Wolkers ziet er door striptekenaars getekende kattekoppen in, en daar valt ook wat voor te zeggen.

Het grote gele doek
Zijn leven lang heeft haar man, de kunstenaar en schrijver Jan Wolkers, iets speciaals gehad met tulpenbomen. Vooral met de ...

De Oude Dame van het Amsterdamse Bos
4 mei 2018 om 10:30
Gastblog Amsterdamse Bos
De Oude Dame in bloei met op de voorgrond het monument 'De Kruiwagen', foto: Wouter van der Wulp.

De 'Oude Dame'

Feest in het Bos, de uitbundige bloei van de paardenkastanjes is weer begonnen. Je vindt ze makkelijk bij de Arena, bij het Doolhof naast de Geitenboerderij en langs de Hoornsloot bij P Zonneweide bijvoorbeeld. Maar ga vooral ook even langs bij die ene die alleen staat. Die bejaarde paardenkastanje bij de Grote Speelweide, bekend als de Oude Dame van het Bos. Zoals het een echte diva betaamt, blijft haar precieze leeftijd een goed bewaard geheim. Vanwege haar grandeur werd zij in 2007 door de schrijvers van het Amsterdamse Bomenboek geschat op zo’n anderhalve eeuw oud. Dat lijkt een overschatting van haar leeftijd, hoewel ze beslist ouder is dan het Amsterdamse Bos. Op dezelfde plek waar ze nu in het Bos staat, stond zij namelijk eerst op een van de kwekerijen in de Rietwijkeroorderpolder. Deze polder is eind 19de eeuw uitgeveend voor de turfwinning en pas in 1906 weer drooggemalen en geschikt gemaakt voor tuin- en akkerbouw. Niet erg waarschijnlijk dus dat onze paardenkastanje ondertussen zo’n 160 jaar oud is. Maar haar eeuwfeest heeft ze zeker al gevierd.

Op de 1e rang

Rond dezelfde tijd dat de polder weer drooggepompt werd, pleitte de bekende Nederlandse bioloog en onderwijzer Jac. P. Thijsse voor een bos ten zuiden van de Nieuwe Meer. Dertig jaar later zat onze Oude Dame op de eerste rang bij de aanleg van dit bos. Een uniek bos om meerdere redenen. Aangelegd voor ontspanning van alle bevolkingsgroepen in plaats van alleen voor de gegoede burgerij. Wel acht keer zo groot als Hyde Park in Londen. Gerealiseerd dankzij de inzet van duizenden werklozen (ruim twintigduizend tussen 1934 en 1945). Ontworpen in een geheel eigen stijl met elementen uit de Engelse Landschapsstijl en de Duitse Volksparken; met kleine hoogteverschillen die het bos groter doen lijken en hellingen die de dieptewerking versterken. En dat alles meters onder zeeniveau.

Eerbetoon

Al het grondverzet, zoals het graven van vijvers en sloten, was een kwestie van kruiwagens en ...

De witte lentemaanden
10 april 2018 om 11:44
Gastblog Amsterdamse Bos
Kanzan-sierkers met boskriekbloesem uit onderstam, foto: Wouter van der Wulp.

Bij de kleur van het Amsterdamse Bos denk je misschien aan groen, maar ik zie deze maanden vooral een wit bos. De uitgestrekte sneeuwklokjesvelden onder de bomen worden opgevolgd door nog uitbundiger bloei van de daslook. De meidoorn pakt over enkele weken het stokje over van de bloeiende sleedoorns. En dan hebben we het nog niet gehad over de krentenboompjes, de bosanemoontjes, het fluitenkruid en de vogelkers. Allemaal bloeien ze wit. En zelfs de blauwe reigers lijken vervangen te worden door witte. Onze beroemde vierhonderd yoshino-kersen  (染井吉野) passen met hun witte bloesem dan ook heel goed bij het Bos. Maar kom vooral over twee, drie weken eens kijken naar onze andere kersen: de boskriek en de Kanzan-kerselaar

De boskriek
Naast de al genoemde uitbundig witbloeiende vogelkersen, staat er een groot aantal boskrieken in het bos, de wilde zoete kers. De boskriek - je raadt het al - heeft witte bloesem. De sierkersen in het Bos bloeien mooi, maar zonder dat dat vruchten oplevert. Aan de boskriek hangen in juni rode kersen.  Een feest voor de vogels.

De Kanzan-kerselaar
Vorig jaar ontdekte ik iets leuks bij de oude Japanse sierkers schuin tegenover het Klein Kinderbad (aan de andere kant van de weg met krentenboompjes). Deze dubbelbloemige Kanzan-kerselaar is de enig overgeblevene van een rijtje dat ooit een spectaculaire roze muur vormde. Het is een bijzondere kerselaar. Loop er eens heen zodra 'ie bloeit. Hij is geënt op een boskriek. Dat kun je zien omdat in een zee van roze uit de onderstam een boskriektak groeit met enkelvoudige witte bloemen. Die niet-bedoelde dingen in het Bos, die zijn voor mij de kers op de taart.

Interview met collega Debby Tijdeman
15 maart 2018 om 14:43
Gastblog Amsterdamse Bos
Foto van Debby Tijdeman, gefotografeerd door Linda Briganti.

Wat is je functie in het Bos?

Ik ben voorman, en werk grotendeels buiten. Ik maak deel uit van de afdeling Beheer en Onderhoud. De afdeling Beheer en Onderhoud zorgt in het Bos o.a . voor de jaarlijkse dunningen. En voor het maaien van lang gras, dat wordt verwerkt in hooibalen. De hooibalen gaan voor een deel naar een boerderij met biologische koeien en dienen als voer voor de Schotse Hooglanders in het Bos. De essentaksterfte staat ook op de agenda van de afdeling Onderhoud en Beheer.

Waar was je op 18 januari, de dag van de storm?

Ik was op vakantie in Oostenrijk. Ook daar was sprake van storm, de skiliften waren dicht.

En toen je van vakantie terugkwam, hoe trof je het Bos aan?

In het Amsterdamse Bos zijn ongeveer 100 bomen gesneuveld; bomen die op en aan paden stonden. De bomen die op de paden lagen, hebben we in stukken gezaagd en die stukken gaan naar een houtopkoper. Sommige stukken stam versnipperen we, en die houtsnippers gebruiken we weer in het Bos. En sommige stukken stam worden verwerkt in snijplanken, muziekdoosjes en houten krukjes, te zien en te koop in De Boswinkel.

Hoe gaat het met de Schotse Hooglanders?

Met de Schotse Hooglanders in het Bos gaat het goed. Er zijn een paar koeien drachtig.  Vorig jaar was in februari het eerste kalfje geboren. De Hooglanders krijgen momenteel, in de winter, bijvoeding, elke week. Er is nu nog weinig in de natuur voor ze te vinden aan voedsel. Het bijvoederen heeft als bijkomend voordeel dat de Hooglanders wat tammer zijn. Dit is handig als de koeien gevangen moeten worden, bijv. als ze gaan verhuizen en bij de halfjaarlijkse gezondheids-check.

Wat betekent voorjaar voor jou?

Voorjaar betekent voor mij frisgroene bomen.

Hoogtepunten in het Bos
9 maart 2018 om 09:18
Gastblog Amsterdamse Bos
NAP peilbout 25D319 (foto: Wouter van der Wulp).

Een van de bijzonderheden van het Amsterdamse Bos is dat het is aangelegd onder zeeniveau. Het grootste deel zelf een flink stuk onder zeeniveau. Het water in de zee heeft echter steeds een andere hoogte. We meten daarom ten opzichte van het NAP, het Normaal Amsterdams Peil. Een betrouwbaar vast peil is belangrijk om de dijken overal op de juiste hoogte te kunnen houden, maar eigenlijk bij alle aanleg van wegen, tunnels, huizen, enz. Het NAP was enkele weken geleden in het nieuws. Gevierd werd dat 200 jaar geleden ons (Normaal) Amsterdams Peil het ijkpunt voor heel Nederland werd. Je leest hier meer over in het Erfgoed van de Week.

Dat feestje maakte mij nieuwsgierig naar wat we daar in het Bos van terug kunnen vinden. Als je de blauwe peilschalen in water bekijkt, ontdek je dat er in het Bos wel tien aparte waterpeilen zijn. Het mooiste zie je het peilverschil onder aan de Bosbaansluis, maar het grootste vind je bij het gemaal aan de Ringvaart. Daar wordt het water opgepompt van 5,5 meter onder NAP in de Bospolder, naar 60 centimeter onder NAP in de Ringvaart.

Oude peilsteen

Om goed te kunnen meten zijn er door het hele land peilmerken geplaatst. Steeds opgemeten ten opzichte van de al bestaande merken. In de Koenensluis vinden we nog een oude peilsteen, met daarop Amsterdams Peil aangegeven. Die sluis is in 1905 nieuw gebouwd omdat de oude Koenensluis te klein en/of te slecht was voor de vervening die ging plaatsvinden. In 1905 was het AP al vervangen door het NAP. Dan ga je een beetje dromen. Zou deze steen soms hergebruikt zijn uit de oude 17e eeuwse Koenensluis?

Peilbout

Deze peilsteen is natuurlijk cultuurhistorisch interessant, maar niet erg betrouwbaar (meer). Rijkswaterstaat (RWS) beheert in heel Nederland zo’n 35.000 NAP-peilbouten, die ze ook periodiek nameten. Daarvan krijg je de gegarandeerde hoogte in millimeters nauwkeurig. Peilbout 25D319 die ik na enig zoeken op een viaduct in het Bos vond, heeft bijvoorbeeld een gegarandeerde hoogte van 611 ...

Een bos vol hangende slurfjes
8 februari 2018 om 09:32
Gastblog Amsterdamse Bos
Fontein vol hazelaarkatjes, foto: Wouter van der Wulp

Heerlijk vind ik het dat de dagen weer langer worden. Het Bos lijkt ook wel in juichstemming. Oorverdovend vol staat het met sneeuwklokjes op sommige plekken. Wat een concert zou dat zijn als ze echt klingelden. Bij de reigerkolonie wordt intussen zo luidruchtig genesteld, dat het lijkt alsof er een grote groep bavianen in de dennenbomen zit. De narcissen sprinten de grond uit rond het Vogeleiland en de knoppen van de bomen voel je gewoonweg zwellen waar je bij staat. Kortom, de tijd van de slurfjes is weer helemaal aangebroken. De hazelaars hangen er al weken mee vol, en de elzen, de abelen, de berken en de wilgen staan te trappelen om mee te gaan doen. Slecht nieuws voor hooikoortspatiënten, maar schitterend om te zien.

Op het Vogeleiland hebben we langs het water een rijtje oude hazelaars. Geen struiken maar echt boompjes met wonderbaarlijk fraai gevormde stammen. Voor mij de mooiste bomen van het Bos. Ga ze bekijken nu het nog kan, want hun leeftijd eist zijn tol. Eentje is vorig jaar de genadeslag toegebracht door zwavelzwammen. En twee andere zijn met de decemberstorm omvergeblazen. Ga sowieso de bloemen van de hazelaars eens van dichtbij bekijken. Die lange die hangen, dat zijn de mannetjes. Met zijn allen lekker lummelen. En vlak daarboven zitten dan de vrouwtjes als piepkleine rode zeeanemoontjes op het droge.

Het is nog even wachten, maar over een half jaartje doen onze eekhoorns zich weer te goed aan verse hazelnoten. Tot dan is het oude noten opgraven. Er worden er altijd wel een paar vergeten. Als die op een gunstige plek begraven waren door de eekhoorns, groeien daar weer nieuwe hazelaars uit.

Een bijzonder cadeau...
3 januari 2018 om 14:33
Gastblog Amsterdamse Bos
De boommarter in het Amsterdamse Bos, vastgelegd met de wildcamera.

Wellicht heb je wel eens over hem gehoord. Misschien heb je ‘m zelfs wel eens gezien. Ik heb het over de boommarter. Een, zoals de naam al verklapt, marterachtige die leeft in bosgebied. In Nederland een vrij zeldzame soort die je niet zo snel tegen het lijf loopt.

Ikzelf had nog nooit eerder van het beestje gehoord, laat staan ooit een gezien. Totdat ik afgelopen zomer een bericht tegenkwam op de Facebookpagina van het Amsterdamse Bos. Afgelopen juli was voor het eerst een boommarter met een wildcamera in het Bos vastgelegd.

Mijn interesse was gelijk gewekt. Ik heb gesolliciteerd naar een stageplek en een week later was ik al aangenomen. Ik mocht onderzoek doen naar de boommarter.

Wildcamera

Mijn stagebegeleider Abe zei in de eerste week al dat de kans om een boommarter op beeld te krijgen erg klein is. Ik moest m’n verwachtingen dus wat bijstellen, maar ik bleef hoop houden. In een natuurperceel in het Bos hingen we de camera op en strooiden wat kruimels van een oud koekje over de bodem. Dat zou waarschijnlijk alleen wat muizen opleveren, maar je weet maar nooit.

Dode buizerd

Twee dagen later ging ik terug om een (gevonden) dode buizerd als lokaas bij de camera neer te leggen. Toen ik aankwam lag er tot mijn verbazing een kapot ei voor de camera. Dat betekende dat er mogelijk een marter was langsgekomen! Ik pakte gelijk m’n laptop erbij en bekeek met spanning de beelden van de camera… Ja hoor, daar was ‘ie! Een aantal vogels is waarschijnlijk van schrik weggevlogen, want ik heb toch wel even staan juichen. De boswachters waren verbaasd over het snelle resultaat. Abe’s reactie: ‘Dat is een cadeautje!’

Vervolgonderzoek

In de weken daarna kreeg ik echter vaker cadeautjes, want de boommarter heeft zich inmiddels al vier keer laten fotograferen! Als dat geen toffe onderzoeksresultaten zijn?! Nu loopt m’n stage helaas al ten einde. Maar in het voorjaar kom ik terug voor m’n eindopdracht en vervolg ik mijn onderzoek naar de boommarter.

Een kerstboom vol bessen
19 december 2017 om 12:22
Gastblog Amsterdamse Bos
Kerstboom vol bessen, foto: Wouter van der Wulp.

De takken van een dennenboom zijn wonderschoon, zeker de dikke oude zijtakken hoog in de boom. Kijk in het bos eens omhoog en zie hoe prachtig kronkelig ze kunnen zijn. Heel anders dan bij de kerstbomen die veel mensen nu thuis hebben staan. Die zijn niet alleen te jong, maar ook helemaal geen dennenbomen. Dat zijn sparren. En sparren hebben vooral zulke mooie naalden aan hun takken. Zilversparren zijn helemaal favoriet als kerstboom, want daaraan blijven de naalden zo goed zitten.

Mijn favoriete kerstboom is echter geen naaldboom, maar onze enige inlandse loofboom die ’s winters groen blijft. De hulst. En nee, die halen we niet in huis. Die laten we in het bos staan.

Behalve als heg, kom je de hulst meestal tegen als struik onder andere bomen. Nu in de winter kan je ze in het bos makkelijk ontdekken. Zolang ze weinig licht en (wortel-)ruimte krijgen, blijven ze klein. Krijgen ze wel de ruimte dan worden het echte bomen van tien meter of meer hoog. In ons Bos staan er daar ook een paar van. Zo’n hulstboom kan wel driehonderd jaar oud worden.

Bij kersthulst denk je aan stekelige blaadjes en rode bessen. Daarvoor moet je bij de jonge vrouwtjes zijn. Oudere hulstbomen hebben juist vaak gaafrandige blaadjes. Als je blad hoog genoeg zit, heb je immers geen stekels nodig om je tegen vraat te beschermen. En dat mannetjes geen vruchten hebben, spreekt ook vanzelf.

Over oudere mannetjes gesproken. De bloeitijd van hulst is van mei tot in juni. Dan zijn met Kerst de bessen mooi rood. Maar in ons bos staat zo’n machohulst die niet kan wachten. Al vanaf november bloeit die. Zijn overbuurvrouw trekt zich daar overigens niets van aan. Die blijft oververstoorbaar met haar bessen pronken. Voor mensen giftige bessen, dat dan weer wel. Een beetje vreemd voor een boom waarvan gezegd wordt dat die ons tegen heksen en demonen zou beschermen.

Het Sinterklaasbos
5 december 2017 om 10:47
Gastblog Amsterdamse Bos
thumb_spanjeklimopbrugwvdw

Sinterklaas is niet alleen een kindervriend maar ook de beschermheilige van Amsterdam. Het zal dan ook niemand verbazen dat Amsterdam al heel lang zijn best doet om Sinterklaas tijdens zijn jaarlijkse bezoeken een zo aangenaam mogelijk verblijf te bezorgen. Daar gaan we ver in. In het Amsterdamse Bos is kort na de oorlog zelfs een speciaal deel ingericht voor de Sint en zijn metgezellen. Een stukje Spanje moest het worden met mediterraans bos. Dat wil zeggen bos zoals het er rond de Middellandse Zee uitziet. En vast niet toevallig, ligt dat stukje bos naast de Klimopbrug. Een eerbetoon voor al dat klimmen op daken dat zo’n oude man nog doet. Die Klimopbrug blijft bovendien de hele winter groen als teken van de ongekende levenskracht van de Sint. En let op, de plantenbakken hebben de vorm van de boeg van de stoomboot.

Deze plantenbakken begonnen de laatste jaren steeds kaler te worden. Dit jaar zijn ze daarom gevuld met verse klimopplanten. Toeval bestaat niet, dit is gedaan door collega Petri Schimmel die hiervoor veelvuldig het (brug-)dek op en neer gehuppeld heeft.

Surprises
Een echt Spaans bos aanleggen bleek nog niet zo makkelijk ondanks dat de toenmalige burgemeester d’Ailly er z’n best voor had gedaan. Hoogstpersoonlijk had hij bijvoorbeeld zaden van de mediterrane zeeden meegenomen van een van zijn vele reizen. Maar als er al zeedennen in dit stukje bos gestaan hebben, dan zijn ze nu verdwenen.

Toch kun je zien dat dit stukje bos een mediterraan karakter moest krijgen. Juist hier staan de echte kastanjebomen, waar de tamme kastanjes aan groeien. Dat zijn bomen die van nature voorkomen in het Middellandse Zeegebied. Ze kunnen honderden jaren oud worden en hun vrucht is een soort sinterklaassurprise. Het cadeautje – de eetbare kastanje - zit verstopt in een stekelige verpakking. Veel beter dan die nepsurprise van de elders in het Bos staande paardenkastanjes. De bolster van de paardenkastanje is niet alleen stekelig, de inhoud is ook nog oneetbaar.

De ...

Zwammen in het Bos
21 november 2017 om 16:00
Gastblog Amsterdamse Bos
De jaarlijkse paddenstoelenexcursie van de zwammologen van Amsterdamse KNNV.

Verleden week waren de zwammologen van Amsterdamse KNNV weer bij ons langs voor hun jaarlijkse paddenstoelenexcursie. Dat doen ze in het Amsterdamse Bos omdat hier altijd veel te zien is vanwege het dode hout dat we expres laten liggen. Nu zeg ik wel 'te zien', maar de paddenstoelenexperts kíjken niet alleen. Ze voelen ook, en ze ruiken. En of dat nog niet genoeg is… Steken ze ook nog stukken paddenstoel in hun mond om ze te proeven. Daarna spugen ze het wel voor de zekerheid weer uit, maar toch maar niet nadoen als je geen paddenstoelenexpert bent.

De experts – mycologen heten ze officieel - zien ook allerlei plakken, korsten, flubbers en héél kleine stippeltjes, waarbij je helemaal niet denkt aan paddenstoelen. Bijzonder zijn de slijmzwammen die zelfs aan de wandel gaan. Maar dat blijken dan weer geen echte zwammen te zijn. Nog wonderlijker dan kruipende zwammen zijn de Nederlandse namen van al die schimmels, zwammen en paddenstoelen. De naam heksenboter voor de bekendste slijmzwam blijkt nog een van de simpelste. Rond het Boskabouterpad bij de Boswinkel groeien onder andere de korstvormige vuurzwam, de houtskoolkogelzwam, de scherpe schelpzwam, het gekarteld leemkelkje en de grijze koraalzwam, om er maar een paar te noemen.

Prijs voor verzinnen namen

Iedere maand worden er zo’n zeven nieuwe paddenstoelensoorten ontdekt voor Nederland en Vlaanderen. Vorig jaar is er een inhaalslag gemaakt in het verzinnen van namen. Voor 500 paddenstoelen en slijmzwammen is een nieuwe Nederlandse naam bedacht. De commissie van zwammologen die dat heeft gedaan, kreeg er zelfs een prijs voor: de Lofprijs der Nederlandse Taal voor een persoon of instantie die zich buitengewoon verdienstelijk heeft gemaakt voor onze taal. De Nederlandse namen zijn door niet-taalkundigen bedacht om de paddenstoelenstudie populair te maken. Extra leuk is het dan dat taalliefhebbers hun werk juist waarderen als verrijking van de Nederlandse taal. Dat bevestigt nog maar eens dat je in het Amsterdamse ...

Naaldbomen in de herfst
25 oktober 2017 om 14:56
Gastblog Amsterdamse Bos
Moerascipres aan het water, foto Wouter van der Wulp

We genieten deze weken weer volop van mooie herfstkleuren in het Bos. Steeds weer nieuwe bomen trakteren ons op spetterende kleuren totdat de bladerloze takkentijd ingaat. Ook een mooie tijd overigens.

Zonder al die blaadjes vallen andere dingen weer veel beter op. In het Schinkelbos zie je daardoor nu al dat sommige struiken echt bommetjevol rozenbottels zitten.

En in het oudere Bos gaan de naaldbomen weer extra opvallen. De sparren, dennen en taxussen blijven immers groen in de winter.  Maar niet alle naaldbomen van het Bos blijven groen. De watercipres en de moerascipres vallen juist in de herfst extra op omdat ze dan bruin worden. Vooral aan de waterkant kan dat een indrukwekkend gezicht zijn.

Wacht niet te lang om dat te bekijken, want voor je er erg in hebt zijn ze net zo kaal als de meeste loofbomen. Ja, als de meeste. Dat lees je goed. Want er is een geliefde inheemse loofboom, die juist de hele winter zijn bladeren houdt. Eentje die bijna iedereen wel kent. Maar daarover een volgende keer.

Trek eerst de wandelschoenen aan en doe mee aan de herfst-fotowedstrijd: www.amsterdamsebos.nl/nieuws-0/2017/fotowedstrijd. Ik mag niet meedingen, maar je maakt kans op roem en smakelijke prijzen.

Zwarte walnoot
5 oktober 2017 om 08:36
Gastblog Amsterdamse Bos
Zwarte walnoot, foto Wouter van der Wulp

In hun gele herfsttooi zijn de zwarte walnoten rond het Bloesempark nu op hun mooist. En extra leuk: aan deze jonge bomen zitten dit jaar zelfs al enkele noten.

De Amerikaanse zwarte walnoot is een neefje van de Europese okkernoot waar onze gewone walnoten aan komen. Zwarte walnoten zien er heel anders uit dan de walnoten uit de winkel. Ze zijn ook veel harder, maar je kunt ze prima eten. Tenminste, als je ze weet te kraken.

Er staan overigens ook gewone walnotenbomen rond het Bloesempark. Prachtige bomen, die naarmate ze ouder worden nog mooier worden. Helaas zien ze er nu tijdelijk meer uit als slecht geplukte kippen. En zitten er (nog) geen noten aan. Maar voor de toekomst belooft het wat.

Mini-appeltjes rond het Bloesempark
25 september 2017 om 09:10
Gastblog Amsterdamse Bos
thumb_appelaarsbloesempark_wvdw

Je kent het Bloesempark in het Amsterdamse Bos van de kersenbloesembomen die elk voorjaar schitterend in bloei staan. Maar er staan ook andere interessante bomen en struiken. Zoals fladderiepen, okkernoten en zwarte noten.

Deze maand zijn de appelbomen voor de 2e keer extra mooi, of misschien moeten we appelstruiken zeggen. De eerste keer was toen ze bloeiden, nu hangen ze helemaal vol met mini-appeltjes van nog geen centimeter grootte. Vergelijk dat maar eens met de appels die je in de winkel koopt.

Rond het Bloesempark staan nog twee struiken met kleine rode vruchten, de meidoorn en de Gelderse roos. De bessen van de Gelderse roos zijn helderrood en kun je tot in de winter vinden. Ze smaken namelijk zo bitter dat vogels ze laten hangen totdat het gevroren heeft. Vorst maakt ze zoeter en pas dan worden ze opgegeten. Vooral door lijsters en pestvogels. De vruchten van de meidoorn zijn donkerrood en vind je langs veel meer paden in het Bos.

Vond je dit interessant? Binnenkort volgen meer van dit soort 'gastblogs' op onze website, geschreven door verschillende van onze medewerkers.